Niet vluchtig. Niet alleen naar een gezicht, een houding, kleding of gedrag. Maar met het besef dat er tegenover jou een volledig mens staat. Iemand met een geschiedenis die je niet kent, ervaringen waar je niets van hebt gezien en redenen die zich niet direct aan de buitenkant laten lezen.
We kijken de hele dag naar mensen, maar echt zien doen we veel minder vaak.
Ons brein probeert voortdurend te begrijpen wat er om ons heen gebeurt. Het registreert, vergelijkt en trekt conclusies. Vaak gebeurt dat zo snel dat we nauwelijks doorhebben dat het plaatsvindt. Iemand kijkt nors, dus zal wel onvriendelijk zijn. Iemand praat veel, dus zoekt aandacht. Iemand reageert afstandelijk, dus voelt zich blijkbaar beter dan een ander. Iemand komt steeds te laat, dus heeft weinig respect voor de tijd van anderen.
Binnen een paar seconden lijkt het plaatje compleet.
Alleen is dat plaatje opgebouwd uit informatie die grotendeels uit onszelf komt.
We kijken namelijk nooit helemaal onbevangen. We nemen onze opvoeding, eerdere ervaringen, overtuigingen, normen, gevoeligheden en oude pijn mee in alles wat we waarnemen. Wat wij bij een ander zien, gaat door een filter dat al jaren gevormd wordt. Daardoor reageren twee mensen op precies dezelfde persoon soms totaal verschillend.
De één ervaart iemand als krachtig, de ander als dominant. De één ziet rust, de ander ziet afstandelijkheid. Waar iemand spontaniteit herkent, kan een ander vooral onrust ervaren. Het gedrag blijft hetzelfde, maar de betekenis verandert afhankelijk van degene die kijkt.
Daar zit iets ongemakkelijks in.
We denken vaak dat we een ander beoordelen op basis van wie diegene is, terwijl we in werkelijkheid reageren op wat diegene in ons oproept. We zien een paar eigenschappen, koppelen daar onze eigen betekenissen aan en bouwen vervolgens een verhaal dat logisch voelt.
Vanaf dat moment kijken we niet langer naar de mens die voor ons staat. We kijken naar onze interpretatie van die mens.
Mensen laten nooit hun volledige verhaal zien. Dat kan ook niet. Je ziet een fractie van hun leven, vaak binnen een specifieke situatie. Je ziet hoe iemand reageert tijdens een gesprek, op het werk, in een winkel, op sociale media of in een moment van spanning. Je ziet zelden wat daaraan voorafging.
Je weet niet hoe diegene die ochtend wakker werd. Je kent de gesprekken van de avond ervoor niet. Je weet niet welke verantwoordelijkheden iemand draagt, welke verliezen er zijn geweest of hoeveel moeite het iemand kost om überhaupt aanwezig te zijn.
Toch verdragen we lege plekken slecht.
Waar informatie ontbreekt, ontstaat ruimte voor invulling. Die invulling voelt al snel als waarheid. Iemand reageert niet op een bericht en wij bepalen wat dat betekent. Geen interesse. Geen respect. Boosheid. Afwijzing. Intussen kan er een reden zijn die volledig buiten ons zicht ligt.
Dat betekent niet dat iedere reactie goedgepraat moet worden. Gedrag heeft gevolgen en grenzen blijven nodig. De vraag is alleen of we kunnen onderscheiden wat we werkelijk weten en wat we zelf aan het verhaal hebben toegevoegd.
Die grens vervaagt sneller dan we denken.
Een waarneming kan zijn: iemand keek weg toen ik sprak.
De invulling wordt: diegene neemt mij niet serieus.
Het oordeel volgt daarna: wat een arrogant persoon.
Binnen enkele seconden verandert één zichtbare beweging in een volledige conclusie over iemands karakter. Misschien klopte onze interpretatie. Misschien ook helemaal niet. We hebben ondertussen wel een beeld gecreëerd dat ieder volgend contact beïnvloedt.
Vanaf dat moment zoeken we onbewust naar bevestiging.
Wanneer iemand opnieuw wegkijkt, denken we: zie je wel. Wanneer diegene vriendelijk reageert, vinden we dat misschien gespeeld of onverwacht. Informatie die binnen ons beeld past, krijgt meer gewicht. Alles wat ermee botst, wordt makkelijker genegeerd.
Zo wordt een aanname langzaam een overtuiging.
Je zou het kunnen zien als een puzzel waarvan je slechts een paar stukken in handen hebt.
Een blik. Een zin. Een keuze. Een bepaalde uitstraling. Misschien een verhaal dat iemand anders over die persoon heeft verteld.
Met die paar stukken proberen we de volledige afbeelding te reconstrueren. Alleen hebben we de doos met het voorbeeld niet gezien. We weten helemaal niet welke afbeelding er uiteindelijk hoort te ontstaan.
Dus gebruiken we wat we al kennen.
We pakken kleuren en vormen uit onze eigen geschiedenis en leggen daarmee de ontbrekende delen op hun plek. Voor ons oog ontstaat een logisch geheel. Alles lijkt te passen. Alleen kan de afbeelding die wij hebben gelegd nauwelijks nog overeenkomen met de werkelijkheid van de ander.
Daar begint veel verwijdering.
Niet doordat mensen altijd fundamenteel van elkaar verschillen, maar doordat ze reageren op beelden die over en weer zijn ontstaan. De één voelt zich beoordeeld en trekt zich terug. De ander ziet die terugtrekking als bevestiging van zijn eerdere oordeel. Iemand wordt scherper omdat die zich niet begrepen voelt. Die scherpte maakt het voor de ander nog aannemelijker dat deze persoon inderdaad moeilijk is.
Iedere reactie wordt een nieuw puzzelstuk in een afbeelding die al vooraf is bepaald.
Op die manier kunnen mensen jaren naast elkaar leven zonder elkaar werkelijk te zien. Partners, familieleden, collega’s en vrienden reageren dan niet meer op wat er in het huidige moment gebeurt. Ze reageren op alles wat eerder is opgeslagen.
“Zo ben jij altijd.”
“Dit doe je iedere keer.”
“Ik weet precies hoe jij bent.”
Zulke uitspraken laten weinig ruimte over voor verandering of nuance. De ander wordt teruggebracht tot een vaststaand beeld. Alles wat diegene zegt of doet, wordt vanuit dat beeld geïnterpreteerd.
We noemen dat iemand kennen.
Soms kennen we vooral het patroon waarin we samen terecht zijn gekomen.
Oordelen wordt vaak neergezet als iets slechts dat je volledig zou moeten uitschakelen. Dat is onrealistisch. We hebben ons beoordelingsvermogen nodig. Het helpt ons situaties inschatten, grenzen bewaken en keuzes maken. Het probleem ontstaat wanneer we vergeten dat ons oordeel gekleurd is.
Juist daarom kan een oordeel waardevolle informatie bevatten.
Niet alleen over de ander, maar ook over jezelf.
Waarom raakt bepaald gedrag jou zo sterk? Waarom ervaar jij iets als respectloos, terwijl een ander er nauwelijks op reageert? Waarom voelt iemand direct onveilig, irritant of bedreigend? Welke betekenis geef jij aan wat je ziet?
Soms herken je werkelijk iets wat niet klopt. Je intuïtie kan signalen oppikken voordat je die bewust kunt verklaren. Tegelijkertijd kan een oude ervaring zich vermommen als intuïtie. Iemand lijkt op een persoon uit je verleden, gebruikt dezelfde toon of vertoont gedrag dat ooit pijn heeft veroorzaakt. Je systeem reageert voordat je hebt onderzocht of de huidige situatie daadwerkelijk hetzelfde is.
Het gevoel is echt.
De conclusie hoeft daarom nog niet volledig te kloppen.
Daar ligt een belangrijke vorm van bewustwording. Je hoeft jouw eerste reactie niet te ontkennen, maar je kunt wel stoppen met haar automatisch als absolute waarheid te behandelen. Er ontstaat dan ruimte tussen wat je voelt en wat je besluit dat het betekent.
Die ruimte verandert hoe je kijkt.
Je kunt merken dat iemand je irriteert zonder direct vast te leggen dat diegene irritant is. Je kunt afstand voelen zonder de ander als koud te bestempelen. Je kunt gedrag afwijzen zonder iemands volledige menselijkheid terug te brengen tot dat ene gedrag.
Dat vraagt meer van ons dan snel oordelen.
Het vraagt dat we onze eigen interpretatie durven onderzoeken.
Gedrag verschijnt nooit uit het niets.
Mensen ontwikkelen manieren om zich staande te houden. De één wordt luid en aanwezig, omdat onzichtbaarheid ooit betekende dat er geen rekening met hem werd gehouden. Een ander trekt zich terug, omdat openheid eerder onveilig bleek. Iemand controleert ieder detail omdat chaos ooit te veel heeft gekost. Een ander maakt overal een grap van, omdat ernst te dichtbij komt.
Wat later als karakter wordt gezien, begon soms als bescherming.
Dat maakt gedrag niet automatisch gezond of acceptabel. Het betekent wel dat de buitenkant zelden het hele verhaal vertelt. Hardheid kan angst bedekken. Arrogantie kan een wankel gevoel van eigenwaarde beschermen. Overmatige zelfstandigheid kan zijn ontstaan doordat hulp nooit vanzelfsprekend was. Pleasen kan eruitzien als vriendelijkheid, terwijl iemand ondertussen voortdurend probeert afwijzing te voorkomen.
We zien de vorm waarin iemand heeft leren overleven en noemen dat wie diegene is.
Daarmee missen we de oorsprong.
Hetzelfde gebeurt overigens ook bij positief gedrag. We prijzen iemand om diens zorgzaamheid, loyaliteit of doorzettingsvermogen zonder te zien dat die eigenschappen soms een hoge prijs hebben. Iemand staat altijd voor iedereen klaar, maar kan zelf geen hulp ontvangen. Iemand werkt harder dan iedereen, maar weet niet hoe waarde losgekoppeld kan worden van prestaties. Iemand blijft eindeloos loyaal, zelfs wanneer die loyaliteit ten koste gaat van zichzelf.
De buitenkant kan bewonderenswaardig zijn en toch uit pijn zijn opgebouwd.
Echt kijken betekent daarom dat je niet stopt bij de eerste laag. Je hoeft het verhaal van een ander niet volledig te kennen of te analyseren. Het vraagt vooral dat je beseft dát er een verhaal bestaat.
Een verhaal dat groter is dan het moment waarin jij die persoon ontmoet.
Het is makkelijk om hierover na te denken vanuit de manier waarop wij naar anderen kijken. Het wordt confronterender wanneer je beseft dat anderen precies hetzelfde bij jou doen.
Ook jij wordt voortdurend geïnterpreteerd.
Mensen zien jouw reactie, maar kennen lang niet altijd de reden erachter. Ze zien jouw grens en kunnen die hard vinden. Ze zien jouw stilte en denken dat het je niets doet. Ze zien jouw zelfverzekerdheid en missen misschien hoeveel moeite het heeft gekost om daar te komen.
Iedereen die jou ontmoet, maakt een eigen versie van jou.
Voor de één ben je warm. Voor de ander intens. Iemand ervaart je als helder, een ander als confronterend. Je kunt binnen dezelfde week door verschillende mensen als afstandelijk, betrokken, sterk, gevoelig, koppig of inspirerend worden omschreven.
Welke versie is dan de waarheid?
Waarschijnlijk bevatten ze allemaal een stukje waarneming. Geen enkele versie omvat jou volledig.
Toch kan het pijnlijk zijn wanneer iemand een beeld van je vormt waarin jij jezelf nauwelijks herkent. Je probeert iets uit te leggen, maar merkt dat alles wat je zegt door dezelfde interpretatie wordt gehaald. Alsof jouw woorden hun betekenis verliezen zodra ze het verhaal van de ander binnenkomen.
Juist die ervaring kan iets zichtbaar maken.
Wanneer je zelf weet hoe het voelt om verkeerd begrepen te worden, ontstaat de vraag hoe vaak jij hetzelfde bij een ander doet. Hoe vaak heb jij iemand vastgezet in een beeld waar diegene zelf nauwelijks nog uit kon bewegen?
We verlangen ernaar gezien te worden in onze volledige menselijkheid.
De ander verlangt daar waarschijnlijk ook naar.
Werkelijk kijken begint bij vertragen.
Een fractie langer wachten voordat je een conclusie trekt. Opmerken welke gedachte als eerste opkomt. Onderscheid maken tussen wat je ziet, wat je voelt en wat je daarvan maakt.
Je ziet iemand fronsen.
Je voelt spanning.
Je maakt ervan dat diegene geïrriteerd op jou is.
Die drie dingen lijken samen te vallen, maar het zijn verschillende stappen. Zodra je ze uit elkaar haalt, ontstaat er keuze. Je kunt nieuwsgierig worden in plaats van zeker. Je kunt iets vragen in plaats van invullen. Je kunt jouw waarneming serieus nemen zonder haar direct om te zetten in een oordeel over iemands hele persoonlijkheid.
Misschien ontdek je dat jouw eerste indruk klopte. Misschien blijkt het verhaal totaal anders te zijn. In beide gevallen kijk je helderder, omdat je jouw eigen invulling niet langer verwart met een vaststaand feit.
Nieuwsgierigheid betekent overigens geen grenzeloos begrip. Je hoeft niet eindeloos ruimte te maken voor gedrag dat jou beschadigt. Je kunt begrijpen waar iets vandaan komt en tegelijkertijd besluiten dat het geen plek in jouw leven krijgt.
Begrip en begrenzing kunnen naast elkaar bestaan.
Echt kijken vraagt niet dat je alles accepteert. Het vraagt dat je de ander niet reduceert tot het deel dat jij hebt gezien.
Hoe langer je naar dit proces kijkt, hoe duidelijker wordt dat iedere ontmoeting ook een spiegel bevat.
Wat we opmerken, waar we op reageren en welke betekenis we geven, vertelt iets over onze eigen binnenwereld. De persoon tegenover ons activeert een ervaring, maar de invulling ontstaat in een systeem dat al bestond voordat diegene verscheen.
Dat is geen reden om alles bij jezelf neer te leggen. Mensen kunnen werkelijk kwetsend, onveilig of onbetrouwbaar handelen. De ander heeft verantwoordelijkheid voor diens gedrag. Jij draagt verantwoordelijkheid voor de manier waarop je dat gedrag verwerkt en de conclusies die je eraan verbindt.
Die verantwoordelijkheid geeft juist vrijheid.
Je hoeft niet ieder eerste oordeel te geloven. Je hoeft niet vast te blijven houden aan een afbeelding die ooit op basis van een paar stukken is gelegd. Je kunt opnieuw kijken. Je kunt erkennen dat jouw beeld onvolledig was. Je kunt zien dat iemand veranderd is, of dat jijzelf veranderd bent.
Soms verandert daarmee de relatie.
Soms verandert alleen jouw blik.
Beide kunnen genoeg zijn.
Want misschien begint echt contact niet op het moment dat we alles van iemand begrijpen. Misschien begint het zodra we beseffen hoeveel we nog niet weten.
Wanneer we stoppen met doen alsof onze puzzel compleet is.
Wanneer we naar de mens tegenover ons kijken en ruimte laten voor een afbeelding die anders kan zijn dan degene die wij in ons hoofd hebben gelegd.
Liefs Janine | Gaja World